MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 14-05-2019 (niveau 3)



eerdere test 14 MEI latere test
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 3 hebben de test van 14-05-2019 zo ingevuld:



(Uit een verzameling 'grappige spreuken'.)

 

Wenn jemand ein Problem mit mir hat, darf er's behalten.

Es ist ja schließlich   ........ .


6 % (afgerond)seinen
85 % (afgerond)seins 
9 % (afgerond)sein

Als iemand met mij een probleem heeft, mag die het houden. Het is tenslotte het zijne.

 

Das Problem - es ist mein Problem - es ist meins.

Zonder het zelfstandig naamwoord nog eens te noemen krijgt het bezittelijk voornaamwoord de uitgang van het lidwoord.

'Das ist nicht meins' betekent tevens: dat is niet mijn ding/smaak. Das ist nichts für mich.



Zie ook de pagina ein/eine-groep - bezittelijk voornaamwoord.



"Passen Sie bitte mal kurz auf meinen Hund auf?" 

"Ich werde schon auf ........ acht geben."


65 % (afgerond)ihn 
34 % (afgerond)ihm
1 % (afgerond)er
sein

auf: wisselvoorzetsel met 3e of 4e naamval.

aufpassen auf  / achten auf : 'meinen Hund' staat in de 4e naamval

 

Deze combinaties zijn geen plaatsbepalingen.

'Abstracte/mentale' werkwoorden met auf en über krijgen overwegend de 4e naamval: auf jemanden aufpassen, achten, acht geben / auf jemanden warten

idem: über jemanden wachen / über den Urlaub nachdenken, an den Urlaub denken. 



Zie ook de pagina met 3e/4e naamval.



Die Geburt der Zwillinge war ein freudiges (gebeurtenis) ........ .


22 % (afgerond)Ergebnis
4 % (afgerond)Erzeugnis
1 % (afgerond)Ergänzung
73 % (afgerond)Ereignis 

das Ereignis: gebeurtenis

das Ergebnis: resultaat

das Erzeugnis: product

Woorden met de uitgang -nis zijn overwegend onzijdig.

die Ergänzung: toevoeging

 

Die Zwillinge (in het Duits altijd meervoudsvorm): tweeling.

Der/ein Zwilling: een van de tweeling.



Zie ook de pagina weetwoorden I.



Beter voorkomen dan genezen: ........  


2 % (afgerond)Besser vorkommen als genesen.
14 % (afgerond)Besser vorsein dann heilen.
75 % (afgerond)Besser vorbeugen als heilen. 
9 % (afgerond)Besser vorbereitet sein als heilen.

Het oorspronkelijke gezegde luidt: vorbeugen ist besser als heilen. Maar een enkele keer lees of hoor je ook wel 'Besser vorbeugen als genesen'.

 

Verschil heilen - genesen: Der Arzt/das Medikament heilt - der Patient/die Wunde genest (sterk werkwoord maar zonder -e/-i wissel!).

 

vorbeugen: voorkomen (ook: vooroverbuigen)

vorkommen: bestaan, aantreffen

 

De andere woorden c.q. combinaties bestaan niet (resp. niet als gezegde).



Zie ook de pagina Links.



TOTAALRESULTAAT:
75% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)