MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 23-05-2019 (niveau 1)



eerdere test 23 MEI geen latere test beschikbaar
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 23-05-2019 zo ingevuld:



Ich fahre immer mit ........ Fahrrad ........ Schule.


10 % (afgerond)der - zum
84 % (afgerond)dem - zur 
5 % (afgerond)der - zur

das Fahrrad: onzijdig woord

das Rad, die Räder: fiets(-en) / wiel(-en)

 

Mit is een voorzetsel met de 3e naamval: mit dem Fahrrad.

Naar een instelling/persoon: zu, eveneens 3e naamval. Wir fahren

zum Markt / zum Rathaus / zum Zahnarzt.

Die Schule eindigt op -e, dus vrouwelijk: zu der = zur Schule.



Zie ook de pagina met 3e naamval.



In meinem Büro arbeite ich mit fünf (collega's) ........ zusammen.


92 % (afgerond)Kollegen 
7 % (afgerond)Kollege
2 % (afgerond)Kolleges

Der Kollege - die Kollegen.

 

Der Löwe - die Löwen.

Der Schwede - die Schweden.

Benamingen voor mannelijke personen en dieren met de uitgang -e:

deze groep krijgt, behalve in de 1e naamval enkelvoud, in alle naamvallen (ook meervoud) de uitgang -n.

Bijvoorbeeld: der Schreibtisch meines Kollegen.

Hier dus geen -s zoals normaliter bij mannelijke woorden in de 2e naamval.



Zie ook de pagina 7 x -(e)n.



Heute findet in den Niederlanden die Wahl für das EU-Parlament statt.

........ der Wahl wird erst am Sonntag bekanntgegeben.

 

De uitkomst / het resultaat = ........


26 % (afgerond)Die Auskunft
4 % (afgerond)Das Auskommen
70 % (afgerond)Das Ergebnis 

das Ergebnis = das Resultat

die Auskunft: de inlichting, informatie

das Auskommen: voldoende inkomen voor levensonderhoud (rondkomen)

Die Familie hat ein gutes Auskommen mit zwei Gehältern (salarissen).



Zie ook de pagina weetwoorden I.



Der  ........ Junge spielt gerne Fußball.


70 % (afgerond)kleine 
1 % (afgerond)klein
19 % (afgerond)kleiner
10 % (afgerond)kleinen

1e naamval na der/die/das:

bijvoeglijke naamwoorden mannelijk, vrouwelijk én onzijdig krijgen de uitgang -e.

 

Net als in het Nederlands na de en het:

de kleine hond - der kleine Hund (1e naamval)

de aardige vrouw - die nette Frau (1e en 4e naamval)

het lieve kind - das liebe Kind (1e en 4e naamval).



Zie ook de pagina na der/die/das-groep.



TOTAALRESULTAAT:
79% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)