MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 23-05-2019 (niveau 1)



eerdere test 23 MEI latere test
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 23-05-2019 zo ingevuld:



Ich fahre immer mit ........ Fahrrad ........ Schule.


11 % (afgerond)der - zum
84 % (afgerond)dem - zur 
5 % (afgerond)der - zur

das Fahrrad: onzijdig woord

das Rad, die Räder: fiets(-en) / wiel(-en)

 

Mit is een voorzetsel met de 3e naamval: mit dem Fahrrad.

Naar een instelling/persoon: zu, eveneens 3e naamval. Wir fahren

zum Markt / zum Rathaus / zum Zahnarzt.

Die Schule eindigt op -e, dus vrouwelijk: zu der = zur Schule.



Zie ook de pagina met 3e naamval.



In meinem Büro arbeite ich mit fünf (collega's) ........ zusammen.


91 % (afgerond)Kollegen 
7 % (afgerond)Kollege
2 % (afgerond)Kolleges

Der Kollege - die Kollegen.

 

Der Löwe - die Löwen.

Der Schwede - die Schweden.

Benamingen voor mannelijke personen en dieren met de uitgang -e:

deze groep krijgt, behalve in de 1e naamval enkelvoud, in alle naamvallen (ook meervoud) de uitgang -n.

Bijvoorbeeld: der Schreibtisch meines Kollegen.

Hier dus geen -s zoals normaliter bij mannelijke woorden in de 2e naamval.



Zie ook de pagina 7 x -(e)n.



Heute findet in den Niederlanden die Wahl für das EU-Parlament statt.

........ der Wahl wird erst am Sonntag bekanntgegeben.

 

De uitkomst / het resultaat = ........


27 % (afgerond)Die Auskunft
5 % (afgerond)Das Auskommen
69 % (afgerond)Das Ergebnis 

das Ergebnis = das Resultat

die Auskunft: de inlichting, informatie

das Auskommen: voldoende inkomen voor levensonderhoud (rondkomen)

Die Familie hat ein gutes Auskommen mit zwei Gehältern (salarissen).



Zie ook de pagina weetwoorden I.



Der  ........ Junge spielt gerne Fußball.


69 % (afgerond)kleine 
1 % (afgerond)klein
20 % (afgerond)kleiner
10 % (afgerond)kleinen

1e naamval na der/die/das:

bijvoeglijke naamwoorden mannelijk, vrouwelijk én onzijdig krijgen de uitgang -e.

 

Net als in het Nederlands na de en het:

de kleine hond       der kleine Hund (1e naamval)

de aardige vrouw   die nette Frau (1e en 4e naamval)

het lieve kind         das liebe Kind (1e en 4e naamval)



Zie ook de pagina na der/die/das-groep.



TOTAALRESULTAAT:
78% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)