MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 18-06-2019 (niveau 2)



eerdere test 18 JUN latere test
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 18-06-2019 zo ingevuld:



........ Süden der Niederlande ist teilweise hügelig.


73 % (afgerond)Der 
25 % (afgerond)Das
2 % (afgerond)Die

Windstreken zijn mannelijke woorden:

der Norden, der Westen, der Osten.

 

Woorden met de uitgang -en zijn overwegend mannelijk.

Net als woorden met de uitgang -el: der Hügel (de heuvel).

Hügelig: heuvelachtig.

 

Die Niederlande: altijd meervoud met lidwoord.



Zie ook de pagina geslacht.



Erzähl (mij) ........ bitte, was du geschrieben hast.


89 % (afgerond)mir 
mein
10 % (afgerond)mich

Vertel 'aan' mij: erzähle mir. Meewerkend voorwerp, 3e naamval.

Was: vervangend lijdend voorwerp.

 

mich: 4e naamval (ruf mich bitte an - bel me op: lijdend voorwerp)

mein: mijn



Zie ook de pagina persoonlijk vnw..



Dieses Medikament dürfen Sie auf keinen Fall einnehmen, ........ Sie Auto fahren.


4 % (afgerond)als
15 % (afgerond)wann
82 % (afgerond)wenn 

wenn: indien, op het moment dat

als: toen, dus verleden tijd

wann? : wanneer?



Zie ook de pagina Bijwoorden / voegwoorden / kommaregels.



Begin van een sprookje in het Duits:

Er was eens ........ .


5 % (afgerond)Er war mal
29 % (afgerond)Es gab einmal
65 % (afgerond)Es war einmal 

Es war einmal ... so fangen alle Märchen an.

'Es war' wordt, net als 'es ist', gevolgd door de 1e naamval:

Es war einmal ein Prinz in einem fernen Land. Ein Prinz war / lebte / wohnte in einem fernen Land.

 

'Es gab einmal' wordt, net als 'es gibt', gevolgd door 4e naamval:

Es gab in unserer Familie einmal einen Holländer.

Er war mal in China: Hij was een keer in China.



Zie ook de pagina Links.



TOTAALRESULTAAT:
77% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)