MOB-versie | Naar grote versie



Telwoorden

Hoofdtelwoorden: 

  • 0-10:
    null - eins - zwei - drei - vier - fünf - sechs - sieben - acht - neun - zehn
  • 11-20:
    elf - zwölf - dreizehn - vierzehn - fünfzehn - sechzehn - siebzehn -
    achtzehn - neunzehn - zwanzig
  • 25 = fünfundzwanzig
  • tientallen:
    dreißig (
    dreiunddreißig, dus niet met -z-) - vierzig - fünfzig - sechzig - siebzig - achtzig - neunzig - 
    (ein)hundert
  • 112 = (ein)hundertzwölf
  • honderdtallen: 
    zweihundert - dreihundert ...
  • 4000 = viertausend
  • eine Million*
  • eine Milliarde*

* Die Million en die Milliarde zijn vrouwelijke zelfstandige naamwoor­den
dus: meervoud: zwei Millionen en zwei Milliarden.

 

Grote getallen - uitspraak

In het Duits is het gebruikelijk om getallen vanaf 1100 uit te spreken als volgt (zie ook als jaargetallen)

 

1100 – 1900: elfhundert, zwölfhundert ect. (enkel ronde getallen in duizend tot 1900)

1100: eintausendeinhundert

1180: eintausendeinhundertachtzig

1999: eintausendneunhundertneunundneunzig

2200: zweitausendzweihundert

 

Jaargetallen

Jaartallen worden in principe in stappen van honderd uitgesproken.

 

1180: elfhundertachtzig

1999: neunzehnhundertneunundneunzig (in spreektal ook verkort: neunzehnneunundneunzig)

2020: zweitausendzwanzig  (Zwanzigzwanzig)

 

 

Rangtelwoorden:

  • 1 tot en met 19: uitgang -te

    erste - zweitedritte - vierte - fünfte - sechstesiebte achte - neunte - zehnte
    zwölfte ... sechzehnte siebzehnte - achtzehnte - neunzehnte
  • Vanaf 20: uitgang -ste:

    zwanzig­ste - fünfundzwanzigste
    dreißigste - vierzigste - fünfzigste - sechzigste - achtzigste - neunzigste
    hundertste - zweihundert­ste - tausendste - viertausendste
    millionste - milliardste

Met z'n drieen/vieren/vijven etc.: zu dritt, zu viert, zu fünft etc.

(etc. gebruikelijk is tot 'zu neunzehnt')

Het rangtelwoord wordt vervoegd als het bijvoeglijk naam­woord:

  • das fünfte Mal
  • der dritte Mann

Het rangtelwoord kan ook worden weergegeven door een cijfer met een punt erachter (zoals bij dateringen in brieven):

  • Berlin, (den) 5. März 2015.

Breuken:

Breuken worden gevormd door rangtelwoord + -l.
Het zijn onzijdige zelfstandige naamwoorden.

  • ein Halb* (of: die Hälfte)
  • ein Drittel
  • ein Viertel
  • ein Fünftel
  • ein Achtel
  • ein Zwanzigstel
  • ein Dreißigstel
  • ein Tausendstel

(Klok)tijden: eine Viertelstunde, eine Dreiviertelstunde

Dreiviertel vier betekent kwart voor vier, dus 3:45 uur.

Viertel nach vier (Viertel vier): kwart over 4 uur.

 


* Halb wordt verbogen als bijvoeglijk naamwoord.

  • eine halbe Stunde, ein halber Tag

Telwoorden met halb:

  • eineinhalb =  anderthalb
  • zweieinhalb
  • dreieinhalb

 

Aantallen of hoeveelheden groter dan één:


Bij aantal­len of hoeveelheden groter dan één (dus ook anderhalf etc.) wordt altijd de meervoudvorm gebruikt.

  • Nach anderthalb Jahren kam er wieder nach Hause.
  • Zweieinhalb Tage später war er wieder nicht da.
  • Sechs Jahre sind eine lange Zeit.