|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
Nach fragen und bitten kommt ........ .

Der Fall bestaat uit de stam van het werkwoord fallen, dus mannelijk,
hier onderwerp:
Der vierte Fall (onderwerp) kommt nach / folgt nach (+3e) den Verben fragen und bitten.
Ich frage Sie / ihn - ich bitte Sie / ihn.
"Passen Sie bitte mal kurz auf meinen Hund auf?"
"Ich werde schon auf ........ acht geben."
auf: wisselvoorzetsel met 3e of 4e naamval.
aufpassen auf / achten auf: 'meinen Hund' staat in de 4e naamval
Deze combinaties zijn geen plaats- of tijdsbepalingen.
'Abstracte/mentale' werkwoorden met an, auf en über krijgen overwegend de 4e naamval: auf jemanden aufpassen, achten, acht geben / auf jemanden warten
idem: über jemanden wachen / über den Urlaub nachdenken, an den Urlaub denken.
Der Sohn von meinem Onkel und meiner Tante ist mein ........ .

De zoon of dochter van je oom of tante:
der Cousin, die Cousine (uitspraak als in het Frans).
Dezelfde generatie als jezelf, ook al kan de leeftijd verschillen.
Der Neffe / die Nichte is de zoon/dochter van je zus of broer ('oom-tantezegger').
Dus een volgende generatie.
Beide woorden net als in het Engels nephew/niece en cousin en in het Frans neveu/nièce en cousin/cousine.
Gezegde: Beter voorkomen dan genezen: ........

Het oorspronkelijke gezegde luidt: 'Vorbeugen ist besser als heilen'. Maar je leest of hoort ook wel 'Besser vorbeugen als genesen'.
Verschil heilen - genesen: Der Arzt/das Medikament heilt - der Patient/die Wunde genest (sterk werkwoord maar zonder -e/-i wissel).
vorbeugen: voorkomen (ook: vooroverbuigen)
vorkommen: bestaan, aantreffen
Uitspraak voor beide woorden: klemtoon op de 1e lettergreep.
(voorkomen ook: verhindern, vermeiden)
De andere woorden c.q. combinaties bestaan niet (resp. niet als gezegde).
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |