8049 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker

Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie


Antwoorden van 19-03-2026 (niveau 3)



eerdere test 19 MRT geen latere test beschikbaar
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 3 hebben de test van 19-03-2026 zo ingevuld:



Das Angebot haben wir bereits im Oktober per Mail angefragt.

Wir haben (uw offerte) ........ erst heute empfangen.



2 % (afgerond)Ihre Angebot
9 % (afgerond)Ihres Angebot
13 % (afgerond)Ihren Angebot
77 % (afgerond)Ihr Angebot 

das Angebot: zie 1e zin

1e en 4e naamval: das/ein/euer/Ihr Angebot 

Woorden met Ge- en uitgang -t zijn overwegend onzijdig.

De vorm van de 1e en 4e naamval onzijdig is gelijk.


Zie ook de pagina ein/eine-groep - bezittelijk voornaamwoord.



Die älteste Teilnehmerin am 4-Tage Marsch hat sich (enkel) ........ verstaucht.



26 % (afgerond)die Ferse
14 % (afgerond)den Schenkel
54 % (afgerond)den Knöchel 
7 % (afgerond)die Wade

der Knöchel: enkel

(der Enkel: kleinzoon)

verstauchen: verzwicken 

 

die Wade: kuit

die Ferse: hiel

der Schenkel: dijbeen

 


Zie ook de pagina Woordenschat, thematisch.



(Tegen welk elftal hebben jullie net gespeeld?)

 

Gegen ........ Mannschaft habt ihr gerade gespielt?



31 % (afgerond)welcher
12 % (afgerond)welchen
7 % (afgerond)welchem
50 % (afgerond)welche 

gegen: voorzetsel met de 4e naamval.

Die Mannschaft eindigt op -schaft: deze woorden zijn vrouwelijk.

 

Welch- behoort bij de der-die-das-groep en krijgt de uitgang van het lidwoord: welche (1e en 4e naamval vrouwelijk)

welcher: 1e naamval mannelijk en 2e en 3e vrouwelijk

welchem: 3e naamval mannelijk en onzijdig

welchen: 4e naamval mannelijk


Zie ook de pagina met 4e naamval.



"Ich muss mal austreten: ........ "



7 % (afgerond)Ik moet even naar buiten.
85 % (afgerond)Ik moet naar het toilet. 
1 % (afgerond)Ik ben buiten mezelf.
7 % (afgerond)Ik houd dit niet uit.

De uitdrukking is iets minder direct dan 'Ich muss zur Toilette'.

Vroeger waren toiletten buiten de woning.

naar buiten gaan: hinausgehen, nach draußen gehen

(niet) uithouden: (nicht) aushalten

Das ist nicht zum Aushalten / zu ertragen. Hier lässt es sich gut aushalten (hier lässt es sich gut leben).

Ik ben buiten mezelf: Ich bin außer mir (vor Freude, vor Wut).

Aus einem Verein/einer Partei austreten: lidmaatschap opzeggen.


Zie ook de pagina Links.



TOTAALRESULTAAT:
66% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)





Beter Spellen Beter Rekenen NU Beter Engels NU Beter Duits NU Beter Frans NU Beter Spaans Beter Bijbel

© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties

opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß