|
7620 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
Er beteuerte seine Unschuld, aber wir haben ........ nicht geglaubt.
(Jemandem) glauben: werkwoord met de 3e naamval.
Ich glaube dir / Ihnen.
Je kunt ook zeggen: Wir haben ihm die Geschichte (lijdend voorwerp) nicht geglaubt.
Das (lijdend voorwerp) haben wir (onderwerp) ihm nicht geglaubt.
Enkele werkwoorden combineren met de 3e naamval.
De meest gebruikte zijn: begegnen, gratulieren, glauben, helfen, danken, folgen.
NB glauben an = mentaal/abstract werkwoord + voorzetsel: 4e naamval, ich glaube an einen Gott.
beteuern: bezweren
Prijsopgave van een webshop: Der Preis ist zuzüglich MwSt.
De prijs is ........ btw.
zuzüglich - es kommt dazu: erbij / bovenop komend, afgekort: zzgl.
de prijs is dus zonder 7% resp. 19% MwSt. (Mehrwertsteuer: btw)
inclusief: einschließlich (einschl.), inklusive (inkl.)
abzüglich (abzgl.): na/met aftrek van / verminderd met
Das Baby macht ein Nickerchen.
De baby ........ .
Das Nickerchen (das Schläfchen) staat voor een kort/licht slaapje.
Verwant aan: ja nicken (nein schütteln) / met het hoofd voorover einnicken (knikken, knikkebollen).
in de luiers doen: in die Windeln machen
een boertje laten: ein Bäuerchen machen
das Baby
Je wilt met een vriend(in) iets ondernemen. Je vraagt:
"Zullen we afspreken?" = ........
sollen wir: voorstel (vraag naar wat de ander graag wil),
ook mogelijk: 'Wollen wir...?'
sich treffen: afspreken om elkaar te ontmoeten
ook: Sollen wir uns verabreden?
Sollen wir uns absprechen?: Zullen we een overeenkomst treffen?
Bijvoorbeeld: Wir sprechen ab, dass wir nichts verraten.
Begegnen: tegenkomen. Het is toeval, je hebt het niet afgesproken.
Werden wir?: betreft de toekomst. Bijvoorbeeld: Werden wir uns je (ooit) wiedersehen / wieder begegnen? Werden wir irgendwann einmal im Lotto gewinnen?
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |