|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
Ich habe dir ........ Geschenk mitgebracht.

Das / ein Geschenk is lijdend voorwerp.
Onzijdige woorden hebben in de 1e en 4e naamval dezelfde vorm: ein krijgt dus geen uitgang:
eines: 2e naamval mannelijk en onzijdig
einem: 3e naamval mannelijk en onzijdig
einen: 4e naamval mannelijk
Sven kauft einen Ring für ........ Freundin.

für: voorzetsel met de 4e naamval
1e naamval: die /seine Freundin
für seine Freundin / für sie: 4e naamval (bij vrouwelijk woorden dezelfde vorm als de 1e naamval)
seinen: mannelijk - für seinen Freund
sein: onzijdig - für sein Kind
(Sticker op een auto met een grappige spreuk)
Folgen Sie mir nicht, ich habe mich auch verirrt!
Volg me niet, ik ........
Sich verirren: verkeerd rijden / lopen (ook: sich verfahren / sich verlaufen). Liedtekst: 'Hänsel und Gretel verirrten sich im Wald'.
der Irrgarten: doolhof
Sich verirren is verwant aan sich irren (vergissen) maar ook aan irr(e) (gek).
een strafblad hebben: vorbestraft sein
Wo ist (oprit) ........ zur Autobahn?

auf = op - de oprit: die Auffahrt
aus = uit - de uitrit: die Ausfahrt
ab = af - de afreis / aftocht / het vertrek met een voertuig: die Abfahrt
de rit met de auto: die Fahrt mit dem Auto/die Autofahrt
die Autobahn - Autobahnen
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |