|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
Wie übersetzt man ‘knuffelen’ auf Deutsch?

kuscheln: liefdevol tegen elkaar aandrukken, omarmen, liefkozen
ook: knuddeln
tevens voor: nestelen in een zachte bank of deken
bumsen: enigszins netjes voor vrijen
knutschen: hartstochtelijk kussen
een knuffel geven: umarmen / spreektaal: "Komm, lass dich mal drücken."
speelgoed knuffel: das Plüschtier
Ich ........ Freundin begegnet.
Begegnen (tegenkomen, toevallig ontmoeten) is met de 3e naamval verbonden: Ich bin einer Freundin / ihr begegnet.
De voltooide tijd van begegnen wordt met sein gevormd.
Een aantal werkwoorden combineert in het Duits standaard met de 3e naamval. De meest gebruikte zijn: danken, folgen, gratulieren, helfen, glauben.
Ich habe einen Freund getroffen: Freund is hier lijdend voorwerp, dus 4e naamval.
"Das ist echt extrem. Die Ideologie dieser Partei kann ich echt nicht ab".
De ideologie van deze partij kan ik niet ........ .
etwas 'nicht abkönnen': iets niet uit kunnen staan / niet pruimen
snappen: begreifen/kapieren (straattaal: raffen)
uitleggen: erklären (spreektaal: verklickern)
Voor personen: Ich kann den / die nicht ab / nicht ausstehen.
Die (beide verloofden) ........ wollen bald heiraten.

die beiden verlobten jungen Leute = die Verlobten
der/die Verlobte: zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord
In het meervoud na een lidwoord krijgen bijvoeglijke naamwoorden in alle naamvallen de uitgang -(e)n:
die/der/den/die beiden Verlobten.
beide Verlobte: 1e en 4e naamval zonder lidwoord
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |