0 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker

Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie


Antwoorden van 20-03-2026 (niveau 2)



eerdere test 20 MRT geen latere test beschikbaar
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 20-03-2026 zo ingevuld:



- Wie hoch ist der Berg?

- Der Großglockner ist mit 3.798 Metern ........ Berg Österreichs.

 

          



15 % (afgerond)den höchsten
70 % (afgerond)der höchste 
6 % (afgerond)den höchste
8 % (afgerond)der höchsten

der Berg (zie zin 1)

der Großglockner = der Berg, dus beide woorden staan in de 1e naamval

1e naamval: na der, die, das staat höchste (enkelvoud), dus uitgang -e voor alle woorden, ook 4e naamval vrouwelijk en onzijdig.


Zie ook de pagina na der/die/das-groep.



Das kleine Kind spielte mit ........ Playmobilfiguren.

 

     



26 % (afgerond)seinem
1 % (afgerond)sein
67 % (afgerond)seinen 
7 % (afgerond)seine

mit: 3e naamval, hier meervoud

In de 3e naamval meervoud krijgen alle onderdelen van de woordgroep de uitgang -n: mit seinen vielekleinen Figuren.

 

die Figur - die Figuren

das Kind - seine Figuren


Zie ook de pagina ein/eine-groep - bezittelijk voornaamwoord.



(Neem jij het tijdschrift en geef de krant aan mij)

 

........ du mal die Zeitschrift und ........ mir mal bitte die Zeitung.



62 % (afgerond)Nimm - gib 
29 % (afgerond)Nehmst - geb
6 % (afgerond)Nimmt - gebt
3 % (afgerond)Nehme - gebe

nimm bitte / gib bitte

 

ich nehme / gebe

du nimmst / gibst - gibst du? -

er/sie/es nimmt / gibt

ihr gebt

 

Geben en nehmen zijn sterke werkwoorden met -e- in de stam.

De -e- verandert in -i- bij du, er, sie, es.

De uitspraak van gib / er gibt zit tussen lang en kort in.

Bij nehmen en treten wordt de lange -e- een korte -i-: nimm, tritt en er volgen dubbele letters.


Zie ook de pagina gebiedende wijs.



Der Verdächtige hat   ........ abgelegt.



2 % (afgerond)einen Gegenstand
1 % (afgerond)ein Versprechen
86 % (afgerond)ein Geständnis 
11 % (afgerond)ein Bekenntnis

Werkwoord gestehen: er hat die Tat gestanden.

 

das Bekenntnis: belijdenis (godsdienst), ontboezeming (m.b.t. privézaken, niet voor criminaliteit)

das Versprechen: belofte

der Gegenstand: voorwerp


Zie ook de pagina weetwoorden I.



TOTAALRESULTAAT:
71% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)





Beter Spellen Beter Rekenen NU Beter Engels NU Beter Duits NU Beter Frans NU Beter Spaans Beter Bijbel

© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties

opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß