Ich sehe (hem) ........ nächste Woche.
Lijdend voorwerp: ihn.
Zelfde zinsconstructie als: Ich besuche ihn. Ich rufe ihn an. Ich spreche ihn morgen.
Hast du das in (dit) ........ Zeitschrift gelesen?

Je kunt vragen 'waar (heb je dat gelezen)?': 3e naamval.
Die Zeitschrift: die Schrift hoort bij een groep vrouwelijke woorden met de uitgang -t. (Zie evt. bij 'zelfstandige naamwoorden - geslacht'.)
Das ist ziemlich mühselig. Der Aufwand lohnt sich nicht.
der Aufwand: ........
Der Aufwand geeft aan dat iets heel wat voeten in de aarde heeft. Dat kunnen inspanningen zijn maar ook kosten.
'Het loopt in de papieren.'
Er worden kosten noch moeite gespaard: Es wird kein Aufwand gescheut.
Bürokratischer Aufwand: bureaucratische rompslomp.
opwaardering: die Aufwertung
opwinding: die Aufregung
exploitatie: die Nutzung
Voor economische functies als horeca, buslijnen e.d.: die Betreibung.
mühselig: bewerkelijk, met moeite verbonden
Ik werd door hem gebeld.
Dit is een lijdende zin in de verleden tijd.
ik werd: ich wurde
door hem: von ihm
Ich bin von ihm angerufen: hier ontbreekt worden (voltooide tijd).
Een 'levende veroorzaker' wordt voorafgegaan door von.
durch (soms: über): door middel van / via
Ich habe das durch Gerüchte / über das Radio erfahren.