|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
........ du, ob es hier in der Nähe einen Schnellimbiss gibt?

ich, er, sie, es weiß
du weißt - weißt du?
Sie wissen
ihr wisst
Wissen is een onregelmatig werkwoord: enkelvoud met -ei- en meervoud met -i-.
Wissen en wisst schrijf je met -ss-: uitspraak korte -i-.
Bij du weißt is de -ei- is niet kort, dus schrijf je -ß-.
Dus beißen, maar der Imbiss.
........ Samstag ist ........ 6. Tag der Woche.

der Tag - der Samstag
ist: koppelwerkwoord, zaterdag en de 6e dag zijn hetzelfde
der Samstag = der 6. Tag, dus 1e naamval
Alle benamingen van dagen en de meeste dagdelen zijn mannelijk: der Mittwoch, der Nachmittag, der Morgen, der Abend.
Maar: die Nacht.
Der Kaffee ist ganz frisch. Möchten Sie ........ Kaffee trinken?

"Ich komme morgen Vormittag."
Wanneer komt deze persoon?
der Vormittag: de ochtend, voor lunchtijd (dus voor 12.00/13.00)
vroeg in de ochtend: früh am Morgen
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |