|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
(Op deze leeftijd) ........ sollte man ruhig noch etwas Sport treiben.

das Alter - in diesem Alter
Tijdsbepalingen (wanneer?) met voorzetsel (seit, in, nach, vor) staan altijd in de 3e naamval.
Controlevraag 'wanneer?': dan 3e naamval
die Lebenszeit: levensduur
Er (dronk) ........ die Flasche leer und (gooide) ........ sie dann fort.
trinken - trank - getrunken
werfen - warf - geworfen
Werkwoorden die in het Nederlands sterk zijn (klinker verandert) zijn dat overwegend ook in het Duits.
Meestal lijken de klinkers in beide talen op elkaar: a-o-u.
Maar dat geldt niet voor alle werkwoorden.
(Zie eventueel lijst bij 'sterke werkwoorden'.)
Iemand uit kritiek en zegt vervolgens: "Nichts für ungut."
Dat betekent zoveel als " ........ ".

Even goede vrienden m.a.w.: Ik bedoel het niet kwaad.
Dat is echt bizar: Das ist schräg / bizarr.
Dat neem ik u kwalijk: Das nehme ich Ihnen übel.
Daar komt niets goeds van: Das bringt nichts Gutes.
Bei einem Referendum dürfen wir uns für ein Ja oder ein Nein ........ .
Sich entscheiden (für/gegen): een bewuste keuze treffen tussen opties.
Ich muss mich entscheiden: Ich habe mich dafür/dagegen entschieden.
Wir entscheiden uns für diese Option.
Wählen algemeen: iets uitkiezen/uitzoeken uit een aanbod.
Wählen specifiek: stemmen (politieke en andere verkiezingen).
Beschließen/entschließen: besluiten. Een idee hebben en dat willen uitvoeren. Daarvoor is geen keuze uit een aanbod nodig: Ich habe beschlossen / mich entschlossen umzuziehen.
© 2014 - NU Beter Duits is een initiatief van Martin van Toll Producties opgericht in samenwerking met Deutsch macht Spaß |