........ ihr noch ein Stück Käsekuchen?

ihr möchtet - möchtet ihr?
ich möchte
du möchtest
wir möchten
sie/Sie möchten
der Käsekuchen: gebakken kwarktaart
- "Hast du gesehen, dass deine Hose ein (gat) ........ am Hosenbein hat?"
- "Ja klar, (gaten) ........ in Jeans sind doch in Mode!"

das Loch - die Löcher: meervoud als Bücher, Dächer, Länder
der Locher: perforator (das Papier lochen)
De overige woorden bestaan niet.
Jemandem ein Loch/Löcher in den Bauch fragen / jemanden löchern:
iemand het hemd van het lijf vragen.
(De kleinzoon) ........ Enkel schickt ........ Opa (een) ........ E-Mail (v).

der Enkel: kleinzoon, hier onderwerp
die Enkelin: kleindochter (-in: vrouwelijke uitgang)
Opa: meewerkend voorwerp ('aan hem sturen'): 3e naamval
die E-Mail: lijdend voorwerp
In zinnen van dit type is de persoon (Opa) vrijwel altijd meewerkend voorwerp en het 'ding' (E-Mail) is lijdend voorwerp.
(Kun je iets voor me doen? / Wil je me een plezier doen?)
Kannst du mir ........ tun?
jemandem den/einen Gefallen tun: aan iemand een (kleine) dienst bewijzen
Jemandem die/eine Gunst erweisen (verouderd): aan iemand een
gunst verlenen. Dat is veel sterker dan 'iemand een plezier doen'.
das/ein Gehalt: salaris
das Entgegenkommen: tegemoetkoming (toeschikkelijk zijn)