MOB-versie | Naar grote versie



Antwoorden van 15-10-2026 (niveau 2)



eerdere test 15 OKT geen latere test beschikbaar
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 15-10-2026 zo ingevuld:



Die Teilnahme an der Fußball-WM war für Curaçao ein historischer (succes) ........ .



6 % (afgerond)Erlebnis
18 % (afgerond)Ereignis
12 % (afgerond)Ergebnis
64 % (afgerond)Erfolg 

das Ereignis: gebeurtenis

das Erlebnis: belevenis

das Ergebnis: resultaat

 

 


Zie ook de pagina weetwoorden II.



Diese Partei kriegt überdurchschnittlich viel (aandacht) ........ .



1 % (afgerond)Aufschluss
74 % (afgerond)Aufmerksamkeit 
21 % (afgerond)Anlass
3 % (afgerond)Andacht

die Aufmerksamkeit: aandacht (ook: oplettendheid, alertheid, denk aan opmerkzaam)

tevens: presentje, attentie

die Andacht: devotie (ook synoniem voor de kerkmis)

andächtig zuhören: aandachtig luisteren

der Anlass: aanleiding

der Aufschluss: opheldering (ook: die Aufdeckung, die Aufklärung)

 

überdurchschnittlich: bovengemiddeld


Zie ook de pagina Falsche Freunde.



Beim Streik der Mitarbeiter der öffentlichen Verkehrsmittel fuhren keine ........ .

 

       



79 % (afgerond)Busse, Straßenbahnen und Züge 
19 % (afgerond)Büsse, Straßenbahnen und Zügen
2 % (afgerond)Bussen, Straßenbahns und Zugen

der Bus - die Busse: zonder umlaut, dus een uitzondering (idem: die Schuhe, die Hunde, die Punkte)

der Zug - die Züge, meervoud volgens de hoofdregel mannelijk: umlaut + -e 

die Bahn - die Bahnen volgens de hoofdregel vrouwelijk: + -(e)n

 

ver.di: Vereinte Dienstleistungsgewerkschaft is de op een na grootste Duitse vakbond (die Gewerkschaft).


Zie ook de pagina geslacht.



Ich wohne (boven) ........ einem Supermarkt.

 

          



64 % (afgerond)über 
36 % (afgerond)oben

über= boven of over: voorzetsel

Er wordt een relatie tussen personen, voorwerpen of plaatsen aangegeven: Ich sitze neben dir, die Zeitung liegt auf dem Tisch.

In het Duits volgt na een voorzetsel een 3e of 4e naamval (soms een 2e).

 

oben = boven: bijwoord

Ich wohne oben, mein Freund wohnt unten (beneden).

De twee informaties staan los van elkaar.

Een bijwoord veroorzaakt geen verbuiging.

 

über: combineert met de 3e of de 4e naamval 

wohnen: is een toestand, derhalve 3e naamval

Der Supermarkt verandert hier in: wonen über dem Supermarkt (3e naamval).


Zie ook de pagina Voorzetsels.



TOTAALRESULTAAT:
71% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)





Help | Contact  |  Instellingen  |  


Beter Spellen Beter Rekenen NU Beter Engels NU Beter Duits NU Beter Frans NU Beter Spaans Beter Bijbel



Martin van Toll Producties
in samenwerking met
Fundgrube Deutsch