Diese Maschine ist ein Erzeugnis deutschen Erfindergeistes.
das Erzeugnis: ........
erzeugen: maken (zeugen [tsoigen]: een kind verwekken)
Eerder formeel/geschreven taalgebruik dan alledaags gesproken taal,
uiteraard ook: das Produkt (produzieren, herstellen, fertigen).
der Erfinder: uitvinder
der Erfindergeist: vaardigheid om problemen op te lossen, (technische) vindingrijkheid
de getuigenis: die Zeugenaussage (juridisch)
das Zeugnis: getuigschrift / in het onderwijs: rapport
voertuig: das Fahrzeug
(De jongeren) ........ hatten Spaß.
die Jugendlichen: meervoud
enkelvoud: der Jugendliche (mannelijk) - die Jugendliche (vrouwelijk)
Het is een bijvoeglijk naamwoord dat zelfstandig wordt gebruikt (ein jugendlicher Senior).
In het meervoud met lidwoord (der- én (m)ein-groep) krijgen bijvoeglijke naamwoorden in alle naamvallen de uitgang -n.
die Jugend: de jeugd
die Jünger: de volgelingen (bijv. van Jezus)
die Jüngeren = vergelijking t.o.v. de oudere(n) - die Älteren
De jongeren onder het publiek: die Jüngeren unter dem Publikum.
"Inge und Vera, (wees) ........ doch nicht so laut!"

Inge en Vera, jullie zijn: ihr seid
gebiedende wijs meervoud (wees!): seid!
(NB weest is een verouderde vorm)
sei: wees (tegen een enkel persoon)
wir/sie/Sie sind
seien = conjunctief meervoud indirecte rede: zij/wij zouden zijn
Ich spreche (noch) ........ Spanisch (noch) ........ Italienisch.
weder ... noch: noch ... noch
entweder ... oder: stelt de keuze 'het een of het ander'
De twee andere opties bestaan niet als combinatie.