Wir bieten ........ interessanten Arbeitsplatz.
Wij bieden aan u, dus meewerkend voorwerp: Ihnen.
der Platz, hier lijdend voorwerp: einen (Arbeits)Platz
Stam van een werkwoord: platzieren (plaatsen). Deze woorden zijn overwegend mannelijk.
De uitgang -tz is overwegend mannelijk: der Spatz (mus), der Satz, der Schatz, der Blitz, der Sitz, der Witz.
Mag ik u op onze aanbieding attent maken?
Darf ich ........ aufmerksam machen?
De aandacht richten op: aufmerksam machen auf + 4e naamval.
Vaste combinatie van een 'mentaal-abstact' werkwoord met auf/über/in (wisselvoorzetsels) gevolgd door de 4e naamval:
Ich denke an meinen Vater. Er passt auf den Hund auf. Sie wartet auf den Bus.
das Angebot - unser Angebot (1e en 4e naamval)
Onzijdige woorden hebben dezelfde vorm in de 1e en de 4e naamval.
(Darf ich) Sie: lijdend voorwerp (Darf ich Sie einladen / anrufen / um etwas bitten?)
Er startete den alten Diesel und aus dem (uitlaat) ........ kam dicker Rauch.
der Anlasser: startmotor
der Abfluss: (water)afvoer (bijv. van een gootsteen)
der Ablass: aflaat (gekochte vrijbrief tegen zonden)
De avondjurk is van fluweel en de mouwen zijn van kant.
Das Abendkleid ist ........
fluweel: der Samt
kant: die Spitze
der Strumpf - die Strümpfe: kous - kousen
die Schleife: strik, lus
der Ärmel: mouw
der Velour: velours = dikke fluwelen stof voor meubels en gordijnen
Het materiaal waarvan iets gemaakt is: es ist aus Seide, aus Wolle, aus Holz.