Wie spät ........ Ellen ten Damme auf?

ich trete
du trittst
er/sie/es tritt
ihr tretet
treten - trat - getreten: sterk werkwoord
Bij du, er, sie, es verandert -e- in -i-.
Meestal verandert de lange -e- in -ie- .
Uitzonderingen: treten - tritt, nehmen - nimmt
der Auftritt
Die (klanten) ........ wollen hohe (leningen) ........ .
Der Kunde - die Kunden hoort bij het groepje mannelijke woorden met de uitgang -e. Het gaat hier om mannelijke personen en dieren (der Junge, der Löwe).
Deze woorden krijgen, behalve in de 1e naamval enkelvoud, in alle andere naamvallen, dus ook in het meervoud de uitgang -n. (Zie bij 7x (e)n).
Der Kredit: de meeste vreemde woorden met de uitgang -t zijn mannelijk.
Die Kredite [kree·dii·te] volgt de hoofdregel voor het meervoud van mannelijke woorden: -e.
Der See ist ganz in der Nähe.
Das Haus liegt nur wenige Minuten ........ See entfernt.

von: voorzetsel met de 3e naamval.
Der See (het meer = zoetwater) is mannelijk (zie eerste zin): von dem / vom See.
De zee: die See (die Nordsee = zout water) of das Meer (das Mittelmeer).
In de song 'Haus am See' gaat het dus om een grotere plas (bijvoorbeeld 'der Wannsee bei Berlin') of om een binnenmeer (der Bodensee).
Bei Deutsch muss man viele Regeln in der Grammatik beachten.
beachten = ........
beachten: aandacht geven, in acht nemen, letten op
Man muss die Vorschriften beachten. Ich achte auf meine Gesundheit.
"Opletten!": "Aufpassen!" / "Achtung!" / "Obacht!" (nu minder gebruikelijk)
betekenen: bedeuten
kennen: kennen
toepassen: anwenden