Ein bekanntes Buch von Peter Handke heißt
' ........ Angst des Tormanns beim Elfmeter'.

Die Angst: hoort bij de groep vrouwelijke woorden met de uitgang -t.
Deze groep bestaat uit woorden die sterk op de Nederlandse woorden lijken. Vreemde woorden met de uitgang -t zijn overwegend mannelijk.
der Elfmeter: straf voor overtreding binnen het zestienmetergebied
(der Strafraum)
der Strafstoß: strafschop / penalty
Peter Handke kreeg in 2019 de Nobelprijs voor literatuur.
foto: WDR
Begin van een sprookje in het Duits:
Er was eens ........ .

Es war einmal ... so fangen alle Märchen an.
Es war einmal ein Prinz (, der lebte) in einem fernen Land.
Es war wordt, net als es ist, gevolgd door de 1e naamval: der Prinz is onderwerp.
Es gab einmal wordt, net als es gibt, gevolgd door 4e naamval:
Es gab in unserer Familie einmal einen Holländer.
Er war mal in China: Hij was een keer in China.
(Let ook op de komma.)
Ich wusste ........ es nicht richtig war.

Twee zinnen worden hier verbonden door het voegwoord dass:
Ich wusste (es/das) + es war nicht richtig.
De komma staat in het Duits vóór het voegwoord.
dass: voegwoord
das = het/hetgeen: lidwoord of aanwijzend/betrekkelijk voornaamwoord
Auf den niederländischen Märkten werden im Herbst (bloembollen) ........ verkauft.

die Zwiebel [tswiebel]: de ui
Tulpenbollen en sommige andere soorten hebben de vorm van een ui. Blumenzwiebel wordt voor vrijwel alle bloembollen gebruikt. Maar sommige soorten noemt men 'die Knolle'.
die Kugel: die Eiskugel, die Billardkugel, die Gewehrkugel
der Bollen: verouderd voor prop, knol, ronde verdikking
bulb: Engels voor bloembol