Sie hat ........ gebeten, das Paket zur Postannahme zu bringen.
![]()
bitten - bat - gebeten: werkwoord met vaste 4e naamval
In het Duits combineren enkele werkwoorden standaard met de 4e naamval, waar het in het Nederlands om een meewerkend voorwerp gaat: fragen, bitten, kosten, lehren (doceren).
Er staan dan eventueel twee zinsdelen in de 4e naamval in een zin.
Ich soll dir liebe Grüße von meinen Eltern ........ .
(jemandem etwas) ausrichten: een boodschap/groeten doorgeven
ook: Grüße bestellen; formeel: überbringen
durchgeben: voorwerpen verder reiken - "Gib mal bitte die Salatschüssel durch/weiter".
doorgeven van een bericht: eine Nachricht weiterleiten
maken/doen: zie voor verschillen in toepassing op de menupagina:
De dingen zijn nooit zo als ze zijn.
Ze zijn altijd wat men ervan / van ze maakt.
Die Dinge sind nie so, ........ sie sind.
Sie sind immer das, was man aus ........ macht.
(Precies) zo als = (genauso) wie: Die Dinge sind wie sie sind.
anders dan = anders als: Die Dinge sind anders als wir denken.
aus (3e naamval) den Dingen: aus ihnen (persoonlijk voornaamwoord meervoud)
Wat men ervan maakt: Was man daraus macht.
iets maken van hout, metaal etc.: etwas aus Holz, Metalle etc. machen
"Ich habe mich da mal schlau gemacht."
betekent zoveel als: ik heb ........ .

sich schlau machen: informatie opzoeken / kennis vergaren
schlau sein: slim, clever zijn
iets slim aanpakken: an etwas schlau / clever herangehen
etwas schlau / clever in Angriff nehmen
Ook: sich kundig machen
zich druk maken over / opwinden: sich aufregen über (+4e naamval)
zich verheugen over: sich freuen über (+4e naamval)
stom/oenig: blöd, doof, dämlich
Het woord unheimlich is in deze spreuk een versterking
"Beter stiekem slim dan ontiegelijk dom."